Schaduwen en lantaarns. Magie van de voorlopers van de cinema

Vanaf de 18de eeuw zijn Adel en Burgerij – op soek naar spectaculaire vernieuwingen – bezweken aan de betovering van de illusie.

Ontdek in het Autrique-huis de toverlantaarns, thaumatropen, fantastische tollen, fenakistiscopen en andere verrukkingen van de huisgezinnen lang voor de intrede van de televisie, de spelconsolen of de cinematograaf.


Een stukje geschiedenis...

Waar en wanneer werd het schaduwtheater uitgevonden ? Het fenomeen ontstond minstens een millenium geleden, in China of in Indië, om van daaruit de rest van Azië te veroveren. Pas in de loop van de 18de eeuw worden in Europa de eerste opvoeringen georganiseerd. Hier worden zelfs specifieke gebouwen opgericht om er de voorstellingen te kunnen inrichten, gebruik makend van de meest geavanceerde lichttechnieken van dat ogenblik.

De laterna magica is een omgekeerde zwarte kamer die het mogelijk maakt om een op glas geschilderd voorwerp op een scherm te projecteren. Begin 19de eeuw vindt luikenaar Robertson de fantascoop uit, een lantaarn waarmee hij de passies laat oplaaien, en doden weer tot leven brengt. Het gebruik van lantaarns was in die dagen trouwens geen onschuldig tijdverdrijf, vermits ze de bekeringscampagnes ondersteunden. De lantaarns dienden twijfelaars, mensen die in zonde leefden of niet geloofden te overdonderen door demonen, Hel en haar martelingen te tonen. Wellicht is Robertson van alle « lanternisten » diegene, die de toekomstige cinematograaf het dichtst benaderde dankzij de beweging van het toestel. Eind 19de eeuw zijn laterna magicas nog steeds behoorlijk populair. De Parijse blikslager Auguste Lapierre vervaardigt de toestellen nog steeds met hopen.

Vanaf 1829 verricht de Belg Joseph Plateau onderzoek naar de gezichtstraagheid. Door zijn bevinding, dat we nog gedurende een korte tel een beeld op ons netvlies houden, ontwikkelde hij de fenakistiscoop, die lang succes zou hebben. Plateau beschilderde zelf de eerste schijven, maar vertrouwde het werk later toe aan zijn schoonbroer, de schilder Jean-Baptiste Madou. Het nadeel van de eerste modellen was, dat er steeds een spiegel aan te pas kwam. De Brit William G. Horner kwam met de idee om de schijfjes te vervangen door holle cilinders, waarvan de opstaande wanden voorzien worden van beelden en in het bovenste register smalle openingen gelaten worden. Deze zoötroop werd een gegeerd speelgoed in de 19de eeuw. Door de draaibeweging ontstaat hetzelfde optische effect dan bij de fenakistiscoop, met dit voordeel, dat het door verschillende personen op hetzelfde moment kan bekeken worden.

In 1877 komt de Fransman Émile Reynaud, gepokt en gemazeld in de wereld van lichtprojecties, met de praxinoscoop op de proppen. Op het eerste gezicht is het toestel gelijk aan de zoötroop, maar dan met een beter resultaat en zonder gleuven in de wand. De sluiter wordt geleverd door een nieuw principe: de optische compensatie. Deze compensatie wordt bereikt door middel van een prisma van spiegels met een straal gelijk aan de helft van die van de cilinder in het midden waarvan het wordt geplaatst. Nadeel is dat er evenveel spiegels nodig zijn als er tekeningen op flexibele strips zijn. In 1879 verbetert Reynaud zijn apparaat nog, dankzij het aanbrengen van decors. Reynaud blijft echter ontgoocheld, want de duur van elke cyclus duur niet langer dan één seconde. En zo ontwikkelt hij in 1888, amper zeven jaar vóór de uitvinding van de cinematograaf, het optisch theater. Vanaf 1892 organiseert hij voorstellingen in het Grévinmuseum. Voor het optisch theater maakte Reynaud gebruik van een flexibele strook (doek) van een onbepaalde lengte, waarop een reeks beschilderde glasplaatjes waren bevestigd met daarop een reeks opeenvolgende houdingen. Deze strook loopt van een spoel. Evenwijdige pinnetjes van het spiegelprisma haken in gaatjes die, tussen de plaatjes, in het doek werden aangebracht en trekken de strook naar een eindspoel. De cinematograaf kan niet lang meer uitblijven...

(c) Jean-Marc Dubois (dessin)

(c) Rémi Desmots (photos)

ILLU TESTILLU TESTILLU TESTILLU TESTILLU TESTILLU TESTILLU TESTILLU TEST

Infos

Date : 2013-03-06
End date : 2014-01-26
Expositions
Schaduwen en lantaarns. Magie van de voorlopers van de cinema

Het Autrique huis

Adres

Haachtsesteenweg 266
1030 Schaarbeek
België

Openingstijden

Woensdag tot zondag,
van 12 tot 18 uur
(Laatste toegang 17:30).

Gesloten tijdens de feestdagen.

 

Prijs

Volwassenen: € 7,00
Groepen, senioren, studenten € 5,00
Kinderen, Schaerbeek € 3,00
Artikel 27: € 1,25